dinsdag 25 oktober 2016

Chocoladecheesecake met pindakaramel



Ik heb in de afgelopen drukke periode een voorliefde voor het bakken van cheesecakes ontwikkeld. Ze moeten wel een tijd in de oven, maar verder zijn ze niet zo moeilijk en lekker snel te maken. En vooral heel erg lekker. En vaak ook heel machtig, dus veel stukken, dus veel en vaak eetplezier!

Eerder maakt ik als eens een chocoladecheesecake met dulce de leche en zeezout en die was een tijd lang zwaar favoriet bij ons thuis en anderen die hem proefden. Maar sinds ik deze taart hebt bedacht en gebakken, is dit de nieuwe topfavoriet. De zachte vulling in combinatie met de harde pinda’s in karamel is echt onweerstaanbaar. Die topping is het enige aan deze taart dat even wat aandacht vraagt, verder is het niet zo spannend.
 
Wij houden hier niet zo van die korrelige cheesecakes. We willen een lekker smeuïg geval. Door de oven niet zo hoog te zetten en de taart daarna wel heel lang te bakken lukt het. Begin dus op tijd, want het bakken en afkoelen duurt lang en dan moet hij eigenlijk ook nog een nachtje in de koelkast om helemaal goed van structuur te worden.
 
Bodem
1 pak Verkade Crunchy koekjes
75 gram roomboter
 
Vulling
500 gram mascarpone
200 gram crème fraîche
275 gram pure chocolade, grof gehakt
200 gram suiker
4 eieren
 
Topping
100 gram zoute pinda’s in stukje gehakt
200 gram suiker
150 ml slagroom
75 gram boter 
een snuf zout
 
Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet een bakvorm van 24 cm doorsnede in met boter en bekleed de bodem met een velletje. 
 
Maak de koekje fijn in een keukenmachine. Smelt ondertussen de boter in een pannetje.Voeg de gesmolten boter toe aan de koekkruimels en meng alles goed door elkaar. Doe dit mengsel in de bakvorm en druk met de achterkant van een lepel goed aan. Zet de bodem 10 minuten in de oven en laat hem daarna een beetje afkoelen. 
 
Verlaag de oventemperatuur naar 150 graden. Smelt voor de vulling de vulling de chocolade au bain-marie. Laat vervolgens iets afkoelen.
 
Doe de mascarpone en de crème fraîche samen  met de suiker in een grote kom en mix alles goed door elkaar. Voeg dan één voor één de eieren toe en mix alles  nog kort door elkaar. Spatel als laatst de gesmolten chocolade erdoor. 
 
Zet de taart in de oven en bak hem gaar in 1 uur en 30 minuten. De taart zal dan nog een klein beetje wiebelig aanvoelen, maar dat is niet erg. Zet de oven uit en laat de taart in de dichte oven staan. Na een uurtje kun je de oven op een kiertje zetten. Haal de taart na nog een half uurtje uit de oven en laat hem daarna goed afkoelen. Een nachtje koelkast doet ook wonderen voor smaak en structuur. 
 
Doe voor de topping de suiker in een pan met een dikke bodem laat hem op matig vuur rustig karamelliseren. Blijf er bij, niet roeren. Je mag de pan wel wat ronddraaien om de suikermassa te verspreiden. Zorg dat de karamel niet te donker wordt en sterk gaat ruiken, dan wordt hij bitter. Nooit je vinger erin steken om te proeven, karamel is gloeiend heet. Wanneer de suiker voldoende gekaramelliseerd is, mag de slagroom worden toegevoegd. Pas op, het zal gaan spetteren. De karamel wordt in eerste instantie weer hard. Je kunt dit een beetje voorkomen, door de slagroom te verhitten voordat je het bij de karamel doet.
 
Voeg ook de boter en daarna de pinda’s toe en roer alles tot een mooie massa. Stort deze uit over de taart. Goed af laten koelen en smullen maar.

maandag 10 oktober 2016

Appel-karamelvlaai



Het is alweer heel, heel lang geleden sinds mijn laatste post. Een hele drukke periode zorgde ervoor dat ik even geen tijd en energie had om te bloggen. Bakken wel, daar had ik  altijd tijd voor. Alleen voor het schrijven erover niet.

Maar nu is de tijd en zin er weer. En ik heb nog heel wat lekkere recepten te delen!

Om te beginnen deze vlaai. Appels en karamel, ik vind het een goddelijke combinatie. Daarom deze vlaai! En oei, het is een lekkere vlaai. Gewoon een echte vlaaibodem met een vulling van appels en rozijnen en daarop een topping van karamelroom. Die karamelroom vraagt even wat aandacht en moet je ook ruim van te voren maken, zodat hij goed kan afkoelen. Voor de rest is het niet moeilijk, maar we heel erg smakelijk! 

Karamelroom
150 gram suiker
500 gram slagroom

Bodem
250 gram bloem
1 ei
20 gram boter
15 gram suiker
1 dl lauwwarme melk
4 gram gedroogde gist
Mespunt zout

Vulling
600 gram appel in blokjes
75 gram rozijnen
50 gram suiker
Klontje boter
Water

Begin met de karamelroom. Gebruik een ruime pan met een dikke bodem en verhit daarin op een matig vuur de suiker totdat deze oplost en karamelliseert. De karamel moet de kleur van donkere honing hebben. Het vergt even wat tijd en je moet er goed bij blijven, want de karamel mag niet te donker worden. Als hij sterk begint te ruiken is hij bitter geworden en daarom ook niet lekker.

Wanneer de suiker gekaramelliseerd is mag de slagroom erbij. Let op het gaat flink bubbelen, vandaar ook die ruime pan. In eerste instantie zal de karamel stollen door de koude slagroom, maar na enige tijd koken, lost de karamel weer op. Giet de room in een kom en dek af met plastic folie. Zorg dat de folie de room raakt, anders komt er een vel op de room. Zet de room in de koelkast en laat door en door koud worden. Zorg dat je dit dus echt ruim van te voren doet.

Deeg
Verwarm voor het deeg de melk tot lauwwarm. Doe de bloem in een kom en maak er een kuiltje in. Doe boter, suiker, ei en gist in het kuiltje en strooi het zout aan de rand van de kom op de bloem. Giet de melk bij de ingrediënten in het kuiltje en  roer alles door elkaar. Kneed alles samen tot een mooie deegbol.
Doe het deeg terug in de kom, dek af met plasticfolie en laat op een warme plek zeker 45 minuten rijzen, totdat het deeg in volume is verdubbeld.

Voor de vulling mogen de appelstukjes in een koekenpan met een klontje boter en een klein scheutje water. Voeg de rozijnen en suiker toe en bak de appeltjes totdat ze zacht zijn. Ze mogen niet uit elkaar vallen, dus niet doorbakken totdat het moes is.
Laat de appels vervolgens afkoelen.

Wanneer het deeg voldoende is gerezen kan het uitgerold worden tot een mooi plak. Bekleed hiermee een ingevette vlaaivorm van 30 cm doorsnede. Snijd het overtollige deeg weg en prik met een vork gaatjes in de bodem. Zet het deeg nog even op een warme plek om te rijzen totdat de bodem en randen mooi dik zijn geworden.

Verwarm ondertussen de oven voor op 200 graden celsius
Schep dan de vulling erin en bak de vlaai mooi gaar in 25 minuten. Laat hem vervolgens goed afkoelen.

Klop als laatste de afgekoelde karamelroom tot karamelslagroom met een mixer. Doe de karamelslagroom in een spuitzak met een gekarteld spuitmondje en spuit mooie rozetten op de vlaai.

Smakelijk!