zaterdag 15 februari 2014

Rijstevlaai


Een herfstige pruimenvlaai en een abrikozen-kruimelvlaai. Het aandeel vlaaien is op deze blog niet zo hoog. Best wel schandalig vindt mijn man. Als Limburgse zou ik dit overheerlijke gebak volgens hem meer mogen promoten. En maken! Al geruime tijd vraagt hij om een rijstevlaai. Dat is ook erg lekker, vooral met slagroom en chocoladevlokken. Afgelopen week was Bas jarig en dat was een mooi moment om eindelijk eens aan zijn verzoek te voldoen. Mijn eerste rijstevlaai dus.

Rijstevlaai moet lekker smeuïg zijn, met een vulling die net niet loopt als je de vlaai aansnijdt. Bij mij was de vulling net iets te droog. Volgende keer moet ik de rijstepap wat vloeibaarder laten. De oven temperatuur kan ook meespelen. Het recept geeft aan dat de vlaai gebakken moet worden op 220 graden. Eerdere ervaring met vlaai bakken wees uit dat dit veel te hoog is. De randen van de vlaaien werden al snel veel te donker. Daarom heb ik nu 200 graden als temperatuur aangehouden, maar ook nu was de vlaai na 25 minuten aan de donkere kant. Volgende keer probeer ik op 190 graden.
Misschien dus net iets minder smeuïg dan zou moeten, maar nog steeds erg lekker!!! Het recept komt uit ‘Limburgs Vlaaienboek’ van Wil en Netty Engels-Geurts.

Deeg
250 gram bloem
15 gram verse gist of 3 gram gedroogde gist
1 dl lauwwarme melk
20 gram boter
½ ei
15 gram suiker
3 gram zout

Vulling
1 liter melk
100 gram pap- of risottorijst
130 gram suiker
10 gram bloem of custardpoeder
3 eieren

Garnering (optioneel)
250 ml slagroom
Pure chocoladevlokken

Breng voor de vulling de melk met de rijst en 100 gram suiker al roerend aan de kook. Wanneer de melk kookt kan het vuur laag en mag de rijst met het deksel op de pan in een uur tijd gaar koken. Roer wel af en toe. Controleer na een uur of de rijst gaar is. Als de rijstepap nog niet voldoende gebonden is, dat wil zeggen dat er nog ongebonden melk over is, moet je volgens het recept de bloem of custard aanmaken met wat koude melk en dan aan de rijstepap toevoegen en dit nog even laten doorkoken. Pas er wel voor op dat de pap niet te stijf wordt. Dit gebeurde bij mij en daardoor was de vulling uiteindelijk niet zo smeuïg als ik graag had gewild. De pap mag volgens mij best nog een klein beetje vloeibaar zijn. Laat de vulling dan afkoelen.

Verwarm voor het deeg de melk en de gist totdat het lauwwarm is. Doe de bloem in een kom en maak een kuiltje in het midden. Doe hierin de rest van de ingrediënten, behalve het zout. Strooi dit op de bloem. Zout vermindert namelijk de werking van het gist. Voeg de melk toe aan de ingrediënten in het kuiltje en meng alles door elkaar. Neem steeds een beetje bloem mee totdat het een egale deegmassa is geworden. Kneed het deeg nog even door en laat het in de kom met een doek erover rijzen totdat het deeg in volume is verdubbeld.
Rol het deeg uit tot een egale lap en bekleed hier een ingevette vlaaivorm mee. Prik de deegbodem in met een vork en laat het deeg dan rijzen totdat het dik en gezwollen is.

Verwarm ondertussen de oven voor op 190/200 graden.
Splits de eieren en voeg de resterende 30 gram suiker toe aan de eierdooiers. Klop dit met een garde luchtig. Meng de eierdooiers dan door de rijstepap. Klop in een andere, schone kom de eiwitten stijf. Voeg de helft van de eiwitten toe aan de rijstepap. Spatel het voorzichtig door elkaar zodat de lucht uit de eiwitten niet verloren gaat.
Verdeel de helft van de rijstepap over de deegbodem. Voeg dan de resterende helft van het eiwitschuim toe aan de overgebleven rijstepap en verdeel dit dan ook over de vlaai.

Doe de vlaai in de voorverwarmde oven en bak hem in 25 tot 30 minuten gaar en goudbruin. Probeer de vlaai na het bakken zo snel mogelijk uit de vorm te laten. Laat hem helemaal afkoelen. Rijstevlaai kan zowel zonder of met slagroom gegeten worden. Bas eet de vlaai het liefst naturel. Ik vind rijstevlaai niet af zonder slagroom en chocoladevlokken. Hoe dan ook; Limburgse rijstevlaai is heerlijk! Daar kan geen Multivlaai tegenop!

zondag 9 februari 2014

Koffiebavaroistaart


Nadat ik al enthousiast was geraakt door 'Rudolp's Cupcakes' en ook al die lekkere 'Biscuitrol met blauwe bessen' van Rudolph's Bakery maakte, kijk ik weer vaker op de website van 24Kitchen om inspiratie op te doen. En inspiratie vind ik er genoeg. Zo zag ik er een Frappucinotaart staan. Leek me lekker, alleen bestond de vulling uit koffieparfait. Nou is dat op zich lekker, maar ondanks de hoge temperaturen deze winter, had ik nog geen zin in ijstaart. Wel in een taart met koffiesmaak.

Een koffiebavarois leek me een prima vervanging voor de parfait. De bodem heb ik wel gewoon gemaakt zoals in het recept van Rudolph. De bavarois heb ik naar eigen recept en smaak gemaakt. Dat is altijd een beetje een gok, want je weet nooit helemaal hoe het uitpakt, maar de taart was hemels. De bodem is vast van structuur en de bavarois heerlijk luchtig. Het paste prima bij elkaar. Ik voel een nieuwe 'Taart van Hanneke' in de maak!
Ik ga er nog wat dingetjes aan toevoegen, zoals een laagje chocola met hazelnootpraliné op de bodem en wat dikke chocoladevlokken en hazelnootpaliné er bovenop en dan is het echt een topper. Maar zoals de taart nu is, is het ook al goed. Een deel van de taart heb ik meegenomen naar mijn werk en mijn collega's hebben hem helemaal goedgekeurd.

Hazelnoot-financiersbodem
65 g boter
60 g hazelnoten
100 g poedersuiker
65 g bloem
3 eiwitten
1 el abrikozenjam
1 el hazelnootlikeur

Koffiebavarois
300 ml sterke koffie
200 ml water
4 eierdooiers
2 eetlepels bloem
150 gram suiker
250 ml slagroom
6 blaadjes gelatine

Garnering
150 ml slagroom
15 gram suiker
Pure chocolade, geraspt

Begin voor de koffiebavarois met het maken van koffiebanketbakkersroom. Doe hiervoor de koffie en de melk in een pan. Voeg hier de helft van de suiker aan toe en verwarm dit op middelmatig vuur tot het tegen de kook aan zit. Doe de andere helft van de suiker met de bloem en de eierdooiers in een kom en klop alles met een garde even goed door elkaar. Wanneer het mengsel in de pan tegen de kook aanzit, kan er een beetje van bij het eierdooiermengsel worden gegoten. Roer dit met de garde meteen goed door elkaar. Vervolgens kan het eierdooiermengsel worden toegevoegd aan de melk en koffie in de pan. Roer alles weer goed oor elkaar en breng het aan de kook. Laat het mengsel al roerend ongeveer 3 minuten doorkoken. Zo wordt de bloem erin gaar en ontstaat er banketbakkersroom. Spel een groot bord om met koud water en droog het niet af. Stort er dan de banketbakkersroom op en bedek de room dan met een velletje bakpapier op plastic folie. Dit voorkomt velvorming op de banketbakkersroom. Laat het vervolgens helemaal afkoelen.

Verwarm voor de bodem de oven voor op 180 ºC.
Smelt de boter in de pan tot hij lichtbruin van kleur wordt en naar nootjes ruikt. Dit heet een beurre noisette. Maal de hazelnoten met de poedersuiker en de bloem tot een fijn poeder. Roer in een kom de eiwitten een klein beetje los met de abrikozenjam en de likeur. Meng het noten-bloem-suikermengsel erdoor.Voeg de lauwe beurre noisette toe en meng alles goed door elkaar.
Bestrijk een bakblik van 24 cm doorsnede in met boter en bekleed met bakpapier. Schenk het beslag erin. Bak de bodem in de oven in circa 20 minuten goudbruin en gaar. Laat de bodem daarna goed afkoelen

Wanneer de banketbakkersroom is afgekoeld kan er bavarois van gemaakt worden.
Knip een strook bakpapier om de rand van het bakblik mee te bekleden. Plak het bakpapier vast door wat boter aan de binnenkant van de rand van het bakblik te smeren. Klop dan de slagroom tot yoghurtdikte. Week ondertussen de velletjes gelatine in koud water. De velletjes moeten helemaal zacht worden.
Meng de slagroom en de banketbakkersroom met een spatel voorzichtig door elkaar. Doe de velletjes gelatine met een klein beetje water in een pannetje en verwarm op laag vuur tot de gelatine is opgelost. Laat de gelatine niet koken, want dan verliest het zijn kracht. Spatel de opgeloste gelatine door de bavarois. Stort het mengsel in het bakblik en laat het zeker 3 uur opstijven. Klop voor de garnering de slagroom met de suiker stijf en puit hiervan mooie toefjes op de taart. Nog wat geraspte chocolade erover en klaar is de taart!