dinsdag 27 maart 2012

Rondo's


Dit recept komt uit het boek van Cees Holtkamp en toen ik het zag dacht ik meteen aan mijn broer. Toen hij nog thuis woonde, hadden mijn ouders altijd een voorraad rondo’s, kano’s of gevulde koeken voor hem in huis. Hij hapte die weg alsof het niks was. Ik geloof dat deze verslaving inmiddels wat minder is geworden, maar het leek me toch leuk om hem voor zijn verjaardag te verrassen met zelfgemaakte rondo's.
De amandelspijs voor dit recept moet je vier dagen van tevoren maken. Zo kan de smaak zich goed ontwikkelen. Holtkamp geeft in zijn boek een basisrecept voor amandelspijs. Hij gaat daarbij uit van 500 gram amandelen en 500 gram suiker. Leek me wat veel , dus ik heb de hoeveelheid gehalveerd. Toen ik na vier dagen de rest van het recept voor de rondo's las, bleek dat ik nog veel te veel had gemaakt. Uiteindelijk heb ik daarom maar twee porties gebakken, zodat mijn man op het werk kon uitdelen.
Het maken van de amandelspijs gaat het beste in een keukenmachine. Alles erin, even laten draaien en klaar. Nu heb ik inmiddels al aardig wat materialen die het bakken makkelijk maken, maar over een keukenmachine beschik ik niet. Daarom heb ik de spijs gemaakt in een elektrisch hakmolentje. Dat gaf wel even wat geknoei, zeker omdat ik veel te veel had gemaakt. Het kan wel op deze manier, maar echt aan te raden is het niet.
Verder kan ik de rondo's echt wel aanraden. De rest van het bakproces was niet moeilijk en het resultaat was super: heerlijke verse rondo's. En het moet gezegd worden... de amandelspijs was de moeite waard! Veel lekkerder dan de spijs van gekochte rondo's. Ik ga ze zeker vaker maken! Misschien een goede reden om eens een keukenmachine aan te schaffen...


Amandelspijs (de goede hoeveelheid, eventueel nog best te doen in een hakmolentje)
125 gram amandelen
125 gram suiker
geraspte schil van een kwart citroen
1 ei

Deeg
80 gram witte basterdsuiker
125 gram roomboter
80 gram Zeeuwse bloem (had ik niet, dus heb ik gewone bloem gebruikt)
80 gram bloem
5 gram bakpoeder
Mespunt zout
1 á 2 eieren, losgeklopt
12 amandelen

Doe voor de amandelspijs de amandelen, suiker en geraspte citroenschil in een keukenmachine en laat het draaien tot een grove massa. Giet vervolgens beetje bij beetje het losgeklopte eitje erdoor totdat er een kneedbare massa ontstaat. Laat dit mengsel minstens vier dagen in de koelkast staan om de smaken goed op elkaar in te laten werken.
Meng voor het deeg de basterdsuiker, boter, het bakpoeder, de Zeeuwse bloem en gewone bloem (of 160 gram gewone bloem) tot een deeg. Laat dit een uurtje rusten in de koelkast.

Meng ondertussen ei door de amandelspijs. Doe dit beetje bij beetje totdat het een spuitbare massa wordt. Verwarm dan de oven voor op 180 graden, en vet een muffinbakblik in met boter. Rol het deeg uit tot een grote lap van 4 mm dikte. Steek hieruit 12 rondjes deeg die op de bodem van de muffinvormpjes passen. Spuit dan met een spuitzak bolletjes amandelspijs op het deeg. Steek nog eens 12 rondjes uit en leg deze rondjes op de amandelspijs. Bestrijk het deeg met losgeklopt ei, leg er een amandel op en bestrijk nogmaals met ei.

Bak de rondo’s in 20 minuten. Laat ze na het bakken iets afkoelen. Ze zullen wat plakken aan de vorm, dus snijdt ze met een mesje los om ze uit de vorm te kijgen.

vrijdag 16 maart 2012

Chocolade-notentaart met sinaasappel en witte chocoladetopping


Lange naam voor een taart en ook enigszins misleidend. In deze taart zit geen meel, maar gemalen noten. Dat zorgt voor een andere structuur, maar de smaak wordt toch vooral bepaald door de combinatie van sinaasappel en chocolade. Een klassieke combinatie die altijd werkt.
Jaren geleden heb ik deze taart voor het eerst gegeten bij een vriendin en toen was ik meteen verkocht. Dit is dan inmiddels ook één van mijn lievelingstaarten. Eéntje die ik maak bij speciale gelegenheden zoals mijn verjaardag onlangs. Machtig, lekker smeuïg en vol van smaak!
Het recept komt uit een boekje van de Albert Heijn. Ik heb alleen de topping iets aangepast. Oorspronkelijk komt op deze taart een laagje witte chocolade met boter. Ik heb dat veranderd in een topping van mascarpone met witte chocolade en sinaasappelrasp. Goddelijk!!!
Ik vind deze taart het lekkerst als hij net uit de koelkast komt. Het mascarponemengsel smaakt dan het best. Goed afdekken in de koelkast is belangrijk om de taart lang smeuïg te houden, maar meestal is deze taart zo op. Ik kan er, hoe machtig de taart ook is, maar moeilijk vanaf blijven!

Taart
120 gr extra bittere chocolade
100 gr ongezouten gemengde noten
120 gr boter op kamertemperatuur
120 gr bruine basterdsuiker
2 theelepels geraspte sinaasappelschil
4 eieren

Topping
150 gr mascarpone
150 gr witte chocolade
1 flinke theelepel geraspte sinaasappelschil

Verwarm de oven voor op 175 graden. Breek de chocolade in stukjes en smelt ze au bain Marie. Laat de gesmolten chocolade iets afkoelen. Maal ondertussen de noten fijn en rasp een sinaasappel, of zo nodig twee, tot je twee theelepels rasp hebt. Probeer alleen de oranje buitenkant te gebruiken. Het witte laagje eronder smaakt bitter.
Doe de boter, suiker en sinaasappelrasp in een kom en mix het licht en romig. Splits de eieren. Bewaar de eiwitten in een schone kom en mix de eidooiers één voor één door het botermengsel. Roer dan eerst de gesmolten chocolade en vervolgens de gemalen noten door het botermengsel.
Klop de eiwitten stijf en spatel het eiwit voorzichtig door het boter-chocolademengsel. Begin daarbij met een klein beetje eiwit en voeg vervolgens in nog twee porties de eerst van het eiwit toe. Zo blijft het mengsel luchtig. Meng ook niet langer dan nodig, dat gaat alleen maar ten koste van de luchtigheid.

Doe het mengsel in een vorm van 20 x 30 cm en plaats in de oven. Bak de taart eerst 20 minuten op 175 graden en verlaag dan de temperatuur naar 150 graden waarna de taart nog 30 minuten moet bakken.

Laat de taart in de vorm afkoelen. Smelt voor de topping de witte chocolade au bain Marie en meng dit vervolgens samen met een theelepel geraspte sinaasappelschil door de mascarpone verdeel dit over de taart terwijl de taart nog steeds in de vorm zit. Op laten stijven in de koelkast en smullen maar!

vrijdag 9 maart 2012

Citroenrol


Vorig jaar hebben mijn man en ik met veel plezier op de BBC gekeken naar 'The Great British Bake-off', een bakwedstrijd voor amateurs. Ontzettend leuk en inspirerend. Eén van de juryleden was Mary Berry, in Engeland een begrip op bakgebied. Vandaar dat ik ook heel erg blij was toen ik van mijn man haar boek 'Mary Berry's Baking Bible' kreeg.
Dit recept voor een rol is top. Het bakken van het deeg is meestal niet het probleem, maar het rollen van het deeg tot een mooie rol wel. Dankzij haar tips lukt het me nu iedere keer prima. Eigenlijk is het een snel en makkelijk recept, dat wel indruk maakt, want het ziet er meteen feestelijk uit. Ideaal om te serveren bij feestjes.
Ik heb inmiddels al heel wat verschillende rollen uit haar boek geprobeerd en er soms mijn eigen draai aan gegeven. Zo ook bij dit recept. Bij het oorspronkelijke recept hoort geen slagroom, maar ik vind het juist lekker. Het zorgt ervoor dat de rol niet te droog is.
Voor een sinaasappelrol kun je de citroenrasp vervangen door sinaasappelrasp en de lemon curd door sinaasappelmarmelade. Om de rol mooi te presenteren snijd ik de zijkanten eraf. Zo kan ik alvast even voorproeven, want de rol is het lekkerst en het stevigst na een aantal uurtjes in de koelkast.

Cake
4 eieren
100 gr fijne suiker
Rasp van 1 citroen
100 gr zelfrijzend bakmeel

Vulling
4 royale eetlepels lemon curd
250 ml slagroom
40 gr suiker

Verwarm de oven tot 200 graden Vet een bakvorm van 33x23 cm in met boter en bekleed met bakpapier. Het is handig als het bakpapier wat uitsteekt over de rand. Zo is het na het bakken makkelijk om de deeglap uit de vorm te halen.
Mix de eieren, suiker en citroenrasp in een grote kom totdat het mengel flink in volume is toegenomen en een bleekgele kleur heeft. Het moet een schuimig mengsel worden. Spatel er vervolgens voorzichtig de bloem door en schenk het mengsel daarna in het bakblik. Zorg ervoor dat het goed wordt verdeeld.

Bak het beslag in de oven in 10 minuten gaar. Het deeg is dan goudbruin en begint aan de zijkanten los te komen van de rand. Leg terwijl het deeg bakt een stuk bakpapier klaar dat iets groter is dan de deeglap. Bestrooi het bakpapier met wat fijne suiker. Haal de cake uit de oven, til hem op aan het uitstekende bakpapier en leg de cake ondersteboven op het besuikerde bakpapier. Pel daarna het bakpapier van de cake af. De onderkant is dan de bovenkant geworden.

Om goed te kunnen rollen, moet je met een mes de korte kant van het deeg insnijden. Wel opletten dat je niet door het deeg heen snijdt. Rol dan de cake op met het bakpapier ertussen. Beginnend bij de kant waar je de insnijding hebt gemaakt. Door de insnijding kun je het deeg daar een beetje dubbelklappen waardoor je een goed begin hebt voor de rol. Laat de rol op deze manier afkoelen. Als de rol is afgekoeld kun je hem uitrollen en bestrijken met de lemon curd. Vervolgens een laag slagroom erop en rollen maar. Poedersuiker erop en smullen!

zaterdag 3 maart 2012

Bananenmuffins


Lekker snel en makkelijk! Muffins zijn altijd leuk om te maken en je kunt er eindeloos mee variëren.
Doordat er bij deze muffins gebruik wordt gemaakt van olie in plaats van boter, krijg je een iets andere smaak en structuur dan bij gewone muffins. Ik vind dat lekkerder. Het recept voor deze muffins heb ik uit 'Best Ever Baking', een boek dat ik jaren geleden tijdens een vakantie in Engeland heb gekocht en waar ik al ontzettend veel recepten met veel succes uit heb gemaakt. Gebruik voor deze muffins heel rijpe bananen voor een volle, zoete smaak. Ik heb de krenten weggelaten, want die eten mijn kinderen niet. Smaakte prima, maar ik heb ze eerder wel met krenten gemaakt en dat zorgde voor net een beetje extra smaak.
Dit recept is goed voor 10 muffins en die waren bij ons zo op!

Bananenmuffins

250 gram zelfrijzend bakmeel
1 afgestreken theelepel bakpoeder
mespuntje zout
½ theelepel kaneelpoeder
¼ theelepel gemalen nootmuskaat
3 grote rijpe bananen
1 ei
70 gr donkerbruine basterdsuiker
50 ml zonnebloemolie
30 gram krenten

Verwarm de oven voor op 190 graden. Doe 10 muffinpapiertjes in een muffinplaat. Doe het zelfrijzend bakmeel, bakpoeder, zout, de kaneel en de nootmuskaat in een kom en mix het goed door elkaar. Dit zijn de droge ingrediënten. Prak in een andere kom de bananen fijn. Je kunt dat het beste eerst met een vork doen en daarna kun je de bananen met de mixer tot een papje mixen. Voeg dan het ei, de suiker en de olie toe en mix alles door elkaar. Daarna kunnen de droge ingrediënten erbij. Deze kun je met een spatel of houten lepel door het beslag roeren. Niet te lang, het hoeft maar net gemengd te zijn. Als laatste de krenten erdoor en bakken maar. De muffins zijn gaar na 20 tot 25 minuten bakken.